Stichting Gerard Sanderink

Ondernemer Gerard Sanderink (Weerselo, 1948) is eigenaar van het investeringsbedrijf Sanderink Investments. Hij geeft hiermee leiding aan de bedrijven Centric en het beursgenoteerde Oranjewoud (aandelenbelang 96,00%), waaronder Antea Group en Strukton Groep vallen.

Zakelijke historie

Gerard Sanderink is zijn ondernemerschap gestart met Centric, een bedrijf dat is uitgegroeid tot één van de meest vooraanstaande aanbieders van informatietechnologie in Nederland. De laatste jaren heeft Centric uitbreiding gezocht in (met name) Europa, met vestigingen in Noorwegen, Zweden, Duitsland, België evenals een ontwikkelcentrum in Roemenië. Advies- en ingenieursbureau Antea Group is sinds eind 2005 onderdeel van het Sanderink concern. Na de aankoop heeft Antea Group een verdere internationalisering doorgemaakt en is het niet alleen in Nederland en België, maar ook in Frankrijk, Amerika, Colombia en India actief. Strukton is eind 2010 aangekocht en is met drie divisies actief in de realisatie van infrastructuur, te weten rail,civiel en gebouwen, met vestigingen in Zweden, Denemarken, Duitsland, België, Italië, India, Afrika en Zuid-Amerika. Ook is Gerard Sanderink eigenaar van Dutch Solar Systems (duurzame energie) en Mafo (productie van industriële wasmachines en scheepsdeuren voor marineschepen).

Stichting Gerard Sanderink & Sanderink Technology Centre

Gerard Sanderink draagt Twente een warm hart toe. Hij heeft duidelijke ideeën over een Twente dat succesvoller zou kunnen zijn dan de regio op dit moment is. Twente beschikt naar zijn mening over veel kennis en kunde en goede opleidingsinstituten. Door de teloorgang van de textielindustrie en de teruggang van de metaalindustrie en de elektrotechnische industrie kent Twente één van de hoogste werkloosheidspercentages in Nederland. In Twente zijn uit Saxion Hogeschool en de Universiteit Twente veel kansrijke kleine bedrijven ontstaan, die om diverse redenen niet uitgroeien tot een bedrijf met meer dan 100 medewerkers. In deze bedrijven zit veel technische kennis, waar grote bedrijven zoals Strukton Groep graag gebruik van maken. Met een kapitaalinjectie en coaching zou een aantal van dit soort bedrijven een forse sprong voorwaarts kunnen maken. In plaats van dienstbaar te zijn aan andere bedrijven, zou er in Twente weer een volwaardige industrie kunnen ontstaan, die niet alleen halffabricaten maakt maar ook eindproducten ontwikkelt en produceert. Bij de bedrijven van Gerard Sanderink wordt veel aan research & development gedaan. Deze research vindt nu plaats in het westen van Nederland of in het buitenland. Het is Gerards bedoeling dat een deel van deze researchactiviteiten naar Twente komt. Het mes snijdt dan aan twee kanten; voor afstudeerders van Saxion Hogeschool en de Universiteit Twente zal hierdoor op het juiste niveau werkgelegenheid in Twente ontstaan, zodat er geen noodzaak meer is om naar het westen te verhuizen voor een baan en aan de andere kant zal er werkgelegenheid ontstaan in de maakindustrie voor LBO en MBO geschoolden.

Gerard Sanderinks nalatenschap komt uiteindelijk ten goede aan de regio waar hij zelf geboren en getogen is, in de vorm van een stichting met een (maatschappelijk) goed doel. Deze stichting draagt de naam Stichting Gerard Sanderink. Vanuit de denkwijze van Gerard Sanderink worden voor hem hierin twee belangrijke zaken nagestreefd, namelijk de continuïteit van zijn bedrijven en het stimuleren van jonge, talentvolle studenten uit Twente in hun verdere ontwikkeling door ondersteuning middels een financiële bijdrage, in de vorm van een beursverstrekking. Het bestuur van de stichting telt vijf leden. Naast Gerard Sanderink zelf zijn er nog vier personen die de taak hebben om samen met hem (verder) vorm te geven aan het goede doel. Met de opzet van het Sanderink Technology Centre beoogt Gerard Sanderink een innovatiecentrum te creëren dat als innovatieversneller gaat dienen voor talentvolle jonge technici. Het innovatiecentrum, de potentiële spin-offs, de doorstartende ondernemingen en de op te zetten ontwikkelfaciliteit voor kleine serieproductie, kunnen worden beschouwd als toekomstige, regionale broed- en werkplaats.

Deel deze informatie op